Simulacrum » an image without the substance or qualities of the original.

1 maart 2008

L!fe

...

24 september 2006

Paradox

Hoe komt het dat wij iets slechts kunnen begrijpen in relatie tot iets anders? Hoe komt het dat wij het bestaande slechts kunnen begrijpen in relatie tot het niet-bestaande? Hoe komt het dat wij tijdelijke slechts kunnen begrijpen in relatie tot het eeuwige, het zwarte in relatie tot het witte, het lelijke in relatie tot het mooie en het goede in relatie tot het slechte?

Tegen elke schijnbare pool kunnen we een tegenpool stellen. Maar betekent dat meteen dat die polen werkelijk zijn? Dit is, heel voorzichtig gezegd, een kwestie van perspectief. Kijk, we kunnen twee polen makkelijk tegenover elkaar stellen en zeggen dat ze relatief zijn. We kunnen makkelijk zeggen dat goed, kwaad, mooi, lelijk en meer van deze waarden geheel afhangen van onze eigen visie daarop. Met andere woorden, deze waarden zijn niet objectief, er is geen vaste waarde goed, geen vaste waarde kwaad etc. etc. Dit is, voorzichtig gezegd, een kwestie van perspectief.

Op het moment dat onze zintuigen geen meer verschil kunnen meten, dan hebben ze geen functie meer. Hun functie is namelijk het bewustzijn verschaffen van informatie waarmee het kan werken. Maar mochten we in de bizarre situatie belanden dat wij geen verschil meer meten, geen ver, geen dichtbij, geen donker of licht, geen warm of koud, en zelfs geen lichaam waarnemen of een bepaalde constructie om ons heen, wat valt er dan te doen?

Wanneer alles een kwestie van perspectief is, bestaan er geen vaste waarden. Dit is, op zijn zachtst gezegd, een kwestie van perspectief. Het feit dat wij alles relatief waarnemen, betekent namelijk niet dat er geen vaste waarden bestaan, maar dat wij die mogelijk niet waar kunnen nemen. Misschien bestaat er wel zoiets als zuiver wit of zuiver duisterenis, maar zien wij alleen het kleurenspectrum ertussen. Zoals ik in een eerdere log al heb gezegd: 'Wat wij kunnen kennen, is niet. Wat is, kunnen wij niet kennen.' Zoals Plato zei: 'Slechts het eeuwige is waar, het tijdelijk is illusie.'

Wat is namelijk een voorwaarde om tot kennis te komen? Dat is om iets waar te nemen dat waar is. En wat is waar? Waar is wat altijd en ongeacht alle omringende omstandigheden hetzelfde is. Hoe kunnen wij dan iets waarnemen dat waar is? Dan zouden wij iets moeten observeren dat langer bestaat dan wijzelf. Wat wij kennis noemen is in feite valsspelen. Wij noemen iets een feit en pretenderen daarmee dat iets onveranderlijk is, terwijl het wellicht en waarschijnlijk veranderlijk is. Ga maar na: we noemen Parijs de hoofdstad van Frankrijk. Misschien is er op dit moment, zonder dat wij het weten, een andere stad verkozen tot hoofdstad. Niet erg waarschijnlijk.

Ik maak daarom een onderscheid tussen functionele kennis en abstracte kennis. Functionele kennis bestaat uit een set feiten die wij gebruiken om de wereld om ons heen te categoriseren. Nederland noemen we Nederland, een fiets een fiets, dat zijn feiten. Een fiets is een fiets. Wat een onzin. Maar het werkt wel. Maar het wordt anders wanneer we gaan kijken naar abstracte kennis. Dit gaat in mijn wereld over kennis van eigenschappen. En mooi, lelijk, goed en kwaad zijn eigenschappen. Maar wat is de ontologische status van die eigenschappen?

Bestaat er zoiets als rood? Wat is lelijk? Dit druist in tegen mijn verwijzing naar mijn vorige log lijkt het, want wat IS, kunnen wij niet kennen. Maar wat rood is, is een verkeerde vraag. Het is eigenlijk een beetje domme vraag, want wat rood is, bepalen wij volkomen zelf. Wij geven het beestje een naam. Het enige wat wij hoeven doen is overeenkomen welke roodtint wij absoluut rood noemen. Wij hoeven alleen maar te typeren wat absoluut mooi is en we zijn klaar. Zie je? Ze zijn niet relatief. We gaan voorbij aan het feit dat onze waarnemingen van nature geen etiketten hebben.

Wat IS, kunnen wij alleen kennen door eigenschappen. En hier... komt de diepzinnigheid waar jullie zo naar smachten. Wij kennen eigenschappen, omdat we ze zelf een naam hebben gegeven. Maar, zoals Plato zei: 'Kennis is gebaseerd op onkenbare elementen.' Want wat is rood? Stel dat we een vierkant, groen stukje plastic nemen, wat is er dan van plastic? Wat is er groen? Het vierkantje? Wat is er dan vierkant? Het zijn eigenschappen van wat?

Het bestaan is zelf geen eigenschap van verschijnselen/fenomenen, maar de fenomenen zijn ingesloten in het bestaan van de mogelijkheid van het bestaan. M.a.w. het fenomeen blauw kan bestaan, omdat het bestaan bestaat, omdat mogelijkheid bestaat. Zouden we ons alleen maar een blauwe ruimte inbeelden, als onzichtbare toeschouwer, als zuiver bewustzijn, dan zouden wij zelf de achtergrond zijn waartegen het blauw betekenis krijgt. Er is dan geen 'achtergrond', geen contrast, geen verschil. Alleen omdat we zo gebonden zijn aan onze lichamelijkheid zouden we denken dat we vanuit een bepaald perspectief die blauwe ruimte waarnemen.

Zuiver Zijn/Bewustzijn is de achtergrond waartegen alles zich afdrukt. Zijn is zelf geen eigenschap. Zijn IS. Zuiver Zijn is ook Niet-Zijn, want het heeft geen eigenschappen en is dus ook niet te kennen. En als we het niet kunnen kennen, hoe kunnen we dan weten dat het IS? Kan iets zonder eigenschappen bestaan? Ja, want het zijn niet de eigenschappen die ervoor zorgen dat iets bestaat, maar het Zijn, de mogelijkheid tot bestaan. Eigenschappen zorgen ervoor dat wij kunnen waarnemen, immers, zonder eigenschappen geen verschil en zonder verschil geen waarneming. Er is dualiteit voor nodig om tot waarneming kunnen komen. De Geheime Leer zegt: 'Geest is de eerste differentiatie van DAT.' En DAT is het Zuivere Zijn, de eeuwige abstracte RUIMTE en mogelijkheid.

Mijn oud-docent Dialectiek zei dat differentiatie, verschil dus, eerder kwam dan identiteit. Dus eerst andersheid, dan identiteit. Maar dat klopt niet, want identiteit ontstaat met andersheid en differentiatie. Zonder differentiatie is er niets en niemand om een identiteit vast te leggen en zonder identiteit is er geen referentiepunt van waaruit je iets 'anders' zou kunnen noemen. Maar staat het ongedifferentieerde dan tegenover het gedifferentieerde? Is het onbenoembare de achtergrond van het benoembare? Is dit werkelijk zo of is dit simpelweg een construct van ons verstand dat weer tegen iedere pool een tegenpool zet?

Volgens de Boeddhistische school T’ien-t’ai zou een volledig verlichte geest drie niveaus van waarheid zien: de waarheid van de leegte, de waarheid van verschijnselen en de waarheid van de middenweg. De eerste waarheid is het besef dat alle verschijnselen geen werkelijkheid bezitten. De tweede waarheid laat zien dat alle verschijnselen volledig bestaan, maar hun bestaan is afhankelijk en tijdelijk. De derde waarheid omvat de andere twee in een onderlinge identiteit: leegte en verschijnselen zijn één. De waarheid van een onderlinge identiteit is zo alomtegenwoordig dat alle delen van het geheel elkaar doordringen. Het hele universum is ‘immanent in een enkel ogenblik van gedachte’. Alle verschijnselen zijn uitdrukkingen van het universele denkvermogen, ‘en elke manifestatie is het denkvermogen in zijn totaliteit’.

Het antwoord is: PARADOX.

Zoek het maar uit.

24 februari 2006

Avant l'Avant Garde

"To abandon oneself to principles is really to die -- and to die for an impossible love which is the contrary of love."

Gefixeerde patronen, principes, gewoonten en verslavingen zijn misleidingen waaraan de kunstenaar makkelijk ten prooi valt. Zelfexpressie is de negatie van vaste patronen, van principes en gewoonten, zelfexpressie ontkent ze. Oneindige mogelijkheden in het veld van verbeelding, de alomvattende, wezenlijke en onuitputtelijke potentie. Iedereen maakt er gebruik van, maar niet iedereen beseft de relatie tussen zelf en expressie of zelf en potentie. De oneindige potentie ís het Zelf. Potentie vraagt om manifestatie, omdat de manifestatie zelf meer mogelijkheden mogelijk maakt.

De essentie van Zijn is mogelijk zijn.

Deze realisatie komt nu bij mij naar boven en beantwoord een vraag waar ik al lange tijd mee zit. Het bevestigt de formule die ik heb bedacht voor de natuurlijke tendens of beweging, die in Oosterse mystieke stromingen en occulte kennis wordt gesymboliseerd door de eeuwige In- en Uitadem van het Zelf. Deze In- en Uitadem zijn een manifestatie van de oneindige mogelijkheden in een Kosmos die de mogelijkheden vormgeeft en die levende entiteiten, of liever monaden, deze mogelijkhden laat ervaren.

Composition- The process of arranging shapes and forms into a unified whole for artistic expression.

Angst is wat ons vast laat houden aan beperkende principes en patronen, zowel emotioneel als mentaal. Liefde is wat ons ervan bevrijdt. Creatieve uiting, zonder patronen of vastgeroeste idealen of principes, met als drijfveer een harmonisch geheel te scheppen, is daarom een daad van liefde. Wij kunnen niet creatief zijn, zonder liefde. Het is de liefde zelf dat als enige werkelijk destructief is, omdat ze alles wat beperkend is, uiteindelijk zal doorbreken. Dit wordt in het Hindoeïsme gesymboliseerd door Shiva, de schepper, behouder en vernietiger in één. Alles dat statisch is, wordt meegesleurd met de stroom van het leven, of het nu ronddraaiende atomen of planeten of clusters zijn of onze chakra's of rondtollende gedachten of wervelende emoties, alles is dynamisch en wordt slechts door onze eigen mentale faciliteiten in een statisch, onveranderlijk kader geplaatst.

"Zie hoe alles terugkeert naar de bron en dat alles onvermijdelijk eindigt waar het begon."

Alles draait in cirkels, zoals ik net impliciet door liet schemeren met behulp van mijn woordkeus bij de beschrijving van de almaar bewegende werkelijkheid. Gautama Buddha baseerde zijn Kalachakra leer hierop. Kalachakra betekent Wielen van Tijd en is een manier om de bewegingen van cycli te bevatten, zowel innerlijke als uiterlijke. De beweging van planeten, deeltjes, de rondraaiende energieën van de chakra's en die van karma, is allemaal een spiraal. Alle manifestaties keren uiteindelijk weer terug naar hun bron om er weer in opgenomen te worden en daarna weer op een hoger vlak gemanifesteerd te worden. Daarom zei Lao Tzu: "Waarlijk, wordt heel en keer terug! En Jezus zei: "Wordt voorbijgangers." Het is de 'eeuwige adem', pralaya en manvatara, rust en werelden.

In een oneindige diversiteit aan vormen verheugt het Zelf zich steeds in een ontmoeting met het Zelf.

Dus zitten we allmaal in het zelfde schuitje. Wij zijn tegelijk het leidend voorwerp als het onderwerp van een schilderdoek dat de hemel omspant. We worden beschilderd en schilderen zelf. De kunst is het contrast te zien, om te ontwaken in de werkelijkheid en het penseel op te pakken en stoppen met onze onbehouwen pogingen er maar iets van te maken, maar in plaats daarvan kunstenaars te worden; kunstenaars van het Leven. Pak het leven op! Ontdek de visie van degenen die, vóór de Avant Garde er mee aan de haal gaat, het originele idee ontsluieren en manifesteren.